Bosch

De een wil rust en ruimte, terwijl de ander zich juist het liefst omringd met de drukte van een stad. Maar wat als je om wat voor reden dan ook van de stad in een dorp terechtkomt? Of andersom? ‘Je moet hier creatief omgaan met ruimte.’


modernes Einfamilienhaus im Sommer

Stefan Timmer (32) groeide op in Rijnsburg, maar huurde al enige tijd een appartement in Oegstgeest. ‘Dat is daar vlakbij, hoor’. In Oegstgeest wonen zo’n 23 duizend mensen. Timmer, die werkt als freelancer in de media, voelde zich er prettig. ‘Ik had al mijn dingen daar. Mijn vrienden, voetbal. Met tien minuten fietsen was ik in de natuur met koeien
en lammetjes. En je was zó in hartje Leiden.’

Toch woont hij sinds maart in Amsterdam. ‘Tja, mijn vriendin komt niet uit Oegstgeest en zij woonde al een tijd in Amsterdam. Toen bleek dat we iets konden kopen, besloten we dat daar te doen. Je verkoopt je huis toch eerder in Amsterdam dan in Oestgeest.’

Een tikkeltje anders is het wel, die hoofdstad. ‘Eerst kende ik iedereen, je bent op straat continu bezig mensen te begroeten. Als ik nu hier naar de supermarkt ga, kom ik nooit een bekende tegen.’ Ook beierende kerkklokken behoren tot het verleden. ‘Dat vond ik altijd zo’n typisch dorps geluid.’

In Oegstgeest kon Timmer zijn auto in de garage onder zijn appartementencomplex parkeren. ‘Nu moet ik altijd zoeken naar een plekje.’ Niet dat de hoofdstad niet bevalt, integendeel. ‘Er is meer gezelligheid. Overal zitten leuke kroegjes.’ Voorlopig blijft Timmer dan ook in Amsterdam. ‘Maar voor het voetbal ga ik wel terug. Terug naar Oegstgeest, hè.’

‘Ik had een huis in Utrecht, mijn vriend woonde in Amsterdam’, vertelt Ilse Schutter (37). ‘Dat was allemaal leuk, maar we waren wel steeds heen en weer aan het reizen.’ Haar vriend had al langer de droom om buiten te wonen. ‘Hij is meubelmaker en had zijn werkplaats in Ouderkerk aan de Amstel. Toen ze daar appartementen van gingen maken, moest hij dat opzeggen.’ Het stel hoorde over een oude kazerne in Bussum, midden in het bos en vlakbij de hei. ‘In eerste instantie leek het ons vooral een goede werkplek, maar na een maand of twee zijn we er ook gaan wonen. Dat was in de zomer van 2009.’

Volgens Schutter, inmiddels moeder van twee kinderen (5 en 1 jaar), is de omgeving ‘subliem’. ‘De kazernewoningen zijn jaren ’30 huizen. Onze buren wonen vijftig meter verderop. We zien regelmatig hertjes, vossen en eekhoorntjes. Of we horen een uil. En dat terwijl we maar 25 kilometer van de stad zitten.’ Handig, want Schutter moet voor haar werk in de culturele sector vaak in Amsterdam zijn. ‘Een stad gonst lekker, dat vind ik fijn. Als ik ’s avonds thuiskom van een galerieopening in de Jordaan, hoef ik maar omhoog te kijken om de heldere sterrenhemel te zien. Ik hoor de nachtvogels. Dan voel ik me echt rijk.’ Omdat het buitenleven zo goed bevalt, betrekt het gezin volgend jaar een boerderij uit 1830 in Hollandsche Rading. ‘Ward maakt voornamelijk mooie dingen voor anderen, maar deze boerderij gaat hij helemaal renoveren en transformeren tot een huis voor ons.’

* De namen van Ilse Schutter en Ward zijn op hun verzoek gefingeerd.

facebooktwittergoogle_pluslinkedinmail